Integratiebeleid
Het beleid
Het integratiebeleid wordt gestuurd door het minderhedendecreet (pdf) van 28 april 1998. Op basis van het onderzoeksrapport 'evaluatie van het gevoerde minderhedenbeleid sinds 1996 (pdf)' wordt de inhoud van het integratiebeleid bijgeschaafd. Een eerste weerslag hiervan is te vinden in het strategisch plan minderhedenbeleid (pdf) van 26 maart 2004. Een nieuw strategisch plan wordt opgemaakt door de Commissie Integratie..
De actoren
De Vlaamse overheid
De Vlaamse overheid staat in voor de voorbereiding, de uitvoering en de evaluatie van het integratiebeleid.. Dat integratiebeleid is inclusief én gecoördineerd. Het is inclusief omdat al de bij het integratiebeleid betrokken ministers en hun agentschappen binnen de eigen beleidsdomeinen verantwoordelijk zijn voor het realiseren van de doelstellingen van het integratiebeleid. Het beleid is gecoördineerd om de coherentie van het geheel te bewaken en overlappingen en contradicties te vermijden.
De Vlaamse overheid heeft twee instrumenten om hierover te waken: de minister 'functioneel bevoegd' voor Inburgering die het integratiebeleid coördineert en de Commissie Integratiebeleid waarin de verschillende beleidsdomeinen, de doelgroep en het middenveld vertegenwoordigd zijn. Het geïntegreerd actieplan Integratie dat per beleidsdomein doelstellingen en maatregelen vooropstelt, garandeert een inclusieve aanpak over beleidsdomeinen heen. De opmaak van dit actieplan en de coördinatie en evaluatie ervan zullen gebeuren door de Commissie Integratiebeleid.
Contactadres:
Commissie Integratiebeleid
P/a Agentschap voor Binnenlands Bestuur
Afdeling Beleid Binnenland, Steden en Inburgering
Sami Souguir, Voorzitter
Boudewijnlaan 30
1000 Brussel
Om over voldoende kennis te beschikken over de doelgroepen van het integratiebeleid, is een permanente en systematische gegevensverzameling en monitoring noodzakelijk. Daarom werd het Steunpunt Gelijkekansenbeleid gevraagd een ‘integratiekaart’ te ontwikkelen om zo de relatieve positie en de mate van integratie van etnisch-culturele integratiebeleid in de Vlaamse samenleving in kaart te brengen, op te volgen en te verklaren.
Om over voldoende kennis te beschikken over de doelgroepen van het integratiebeleid, is een permanente en systematische gegevensverzameling en monitoring noodzakelijk. Daarom werd het Steunpunt Gelijkekansenbeleid gevraagd de komende jaren een ‘integratiekaart’ te ontwikkelen om zo de relatieve positie en de mate van integratie van etnisch-culturele integratiebeleid in de Vlaamse samenleving in kaart te brengen, op te volgen en te verklaren.
De burger
Het Vlaamse integratiebeleid richt zich uitdrukkelijk tot alle burgers omdat men ervan uitgaat dat iedereen in de samenleving zijn verantwoordelijkheid moet opnemen om dit samenleven te doen slagen. Met het Vlaamse integratiebeleid wil men o.a. de sociale samenhang tussen alle burgers bevorderen.
Wel blijft er bijzondere aandacht voor de volgende personen:
- personen die legaal en langdurig in België verblijven en die bij hun geboorte niet de Belgische nationaliteit bezaten of van wie minstens een van de ouders bij geboorte niet de Belgische nationaliteit bezat, in het bijzonder diegenen die zich in een vaststelbare achterstandspositie bevinden; o Roma (als specifieke doelgroep binnen deze eerste categorie)
- woonwagenbewoners (zie wonen op wielen): dit zijn personen die legaal in België verblijven en die wonen of woonden in een woonwagen als vermeld in artikel 2, 33°, van het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode, of waarvan de ouders dat deden, met uitzondering van bewoners van campings of gebieden met weekendverblijven.
- Een bijzondere doelgroep in het integratiedecreet zijn “mensen zonder wettig verblijfsstatuut die wegens een noodsituatie begeleiding vragen “. Zij hebben recht op een menswaardige begeleiding, vooral “met betrekking tot gezondheidszorg en onderwijs”. De Vlaamse overheid wil hen oriënteren naar een zinvol toekomstperspectief.
De integratiesector
Om de uitvoering van het integratiebeleid op het terrein te ondersteunen, worden er integratiecentra en integratiediensten gesubsidieerd.
Het integratiebeleid moet in de eerste plaats gevoerd worden op het lokale niveau, waar oude en nieuwe Vlamingen samenleven. lokale besturen hebben een belangrijke rol als regisseur van het integratiebeleid op hun grondgebied. Lokale besturen kunnen een erkenning en subsidiëring aanvragen bij de Vlaamse overheid om een integratiedienst op te richten, van waaruit zij enerzijds zorgen voor de toegankelijkheid van de gemeentelijke diensten voor iedereen en in het bijzonder voor de specifieke doelgroepen van het integratiedecreet en anderzijds initiatieven nemen om het goed samenleven in diversiteit tussen alle burgers te bevorderen.
Verder zijn er 5 provinciale integratiecentra, waarvan drie vzw’s (in de provincies Antwerpen, Oost-Vlaanderen en West-Vlaanderen) en twee openbare provinciale integratiecentra (in de provincies Limburg en Vlaams Brabant), twee lokale integratiecentra (in Antwerpen en in Gent) en één hoofdstedelijk integratiecentrum (De Foyer).
De integratiecentra hebben als kerntaak om het integratiebeleid te analyseren, evalueren, ondersteunen en stimuleren. Zij informeren en bieden advies en vormingen aan organisaties, verenigingen, voorzieningen en besturen inzake toegankelijkheid, participatie en samenleven in diversiteit. Zij stimuleren en ondersteunen vernieuwende projecten en ontwikkelen methodieken. Zij begeleiden en ondersteunen veranderingsprocessen van voorzieningen, organisaties of verenigingen.
Het netwerk van integratiecentra en integratiediensten wordt gecoördineerd door een Vlaams expertisecentrum Migratie en Integratie (Kruispunt Migratie en Integratie). Het Kruispunt Migratie en Integratie ondersteunt ook het inburgeringsbeleid en zorgt voor de link tussen inburgering en integratie.
Met het oog op een verhoging van de efficiëntie en de effectiviteit binnen de sector, het verminderen van de planlast en de verduidelijking van de regierol van de lokale besturen, loopt momenteel een onderzoek naar een mogelijke hervorming van de sector.
Allochtoon middenveld
De Vlaamse overheid hecht er veel belang aan om de doelgroepen van het integratiebeleid op een volwaardige manier bij het beleid te betrekken. Hiertoe bepaalt het integratiedecreet dat de Vlaamse Regering één participatieorganisatie erkent die optreedt als forum van organisaties van de doelgroepen.
Het Forum van Etnisch-Culturele Minderheden (Minderhedenforum) vzw, dat erkend is sinds 1999 op basis van het decreet van 1998, werd met ingang van 14 januari 2011 erkend als participatieorganisatie op basis van het integratiedecreet van 2009.
Het woonwagenbeleid
Het specifieke beleid dat de Vlaamse Overheid voert naar woonwagenbewoners wordt het woonwagenbeleid genoemd.
Woonwagenbewoners vormen een specifieke doelgroep van het Vlaamse integratiebeleid. Het integratiedecreet definieert woonwagenbewoners als “personen die legaal in België verblijven en die wonen of woonden in een woonwagen als vermeld in artikel 2,33°, van het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode, of waarvan de ouders dat deden, met uitzondering van bewoners van campings of gebieden met weekendverblijven.”
Het woonwagenbeleid richt zich op twee aspecten, enerzijds het standplaatsenbeleid, anderzijds het algemene integratiebeleid naar woonwagenbewoners toe.
a. Standplaatsenbeleid
Woonwagenbewoners wonen of woonden in woonwagens. Het specifieke karakter van deze woonvorm brengt een aantal uitdagingen met zich mee. Via het standplaatsenbeleid wenst de Vlaamse overheid een antwoord te bieden op deze uitdagingen.
In 2011 wonen naar schatting 967 gezinnen traditionele woonwagengezinnen in woonwagens. Ongeveer de helft van deze gezinnen woont op één van de 474 standplaatsen op gemeentelijke residentiële terreinen in Vlaanderen. De andere gezinnen wonen op meestal niet stedenbouwkundig vergunde private terreinen of staan dubbel op openbare standplaatsen. Er is een groot tekort aan legale standplaatsen voor woonwagengezinnen.
i. De Vlaamse Woonwagencommissie
De Vlaamse Woonwagencommissie werd opgericht in 1997 naar aanleiding van het project 7 uit het Vlaams strategisch plan voor het minderhedenbeleid van 24 juni 1996. Dit project beschrijft de strategie om voldoende duurzame en aangepaste woonwagenterreinen aan te leggen. De Vlaamse Woonwagencommissie komt op regelmatige basis samen en neemt initiatieven, coördineert en adviseert de bevoegde ministers met betrekking tot de aanleg van voldoende duurzame en aangepaste woonwagenterreinen.
ii. Openbare woonwagenterreinen
Er bestaan twee soorten openbare woonwagenterreinen.
- Een residentieel woonwagenterrein is een terrein dat bestemd en ingericht is voor het sedentaire wonen in woonwagens en waarop een beperkte ambachtelijke en/of commerciële activiteit kan. Op deze terreinen verblijven woonwagenbewoners voor een lange periode.
- Een doortrekkersterrein is een terrein dat bestemd en ingericht is voor het tijdelijk plaatsen van verkeerswaardige woonwagens. Op deze terreinen kunnen doortrekkende woonwagenbewoners voor een beperkte periode verblijven in hun verkeerswaardige woonwagen.
Een actueel overzicht van alle bestaande en geplande openbare woonwagenterreinen is beschikbaar op www.kruispuntmi.be.
iii. Doortrekkers
Jaarlijks trekken honderden families van woonwagenbewoners in Vlaanderen rond met hun woonwagen. Vooral in het voorjaar en de zomerperiode, maar ook in andere perioden van het jaar. Rondtrekkenden kunnen terecht op doortrekkersterreinen. Het aantal doortrekkersterreinen is in Vlaanderen nog ruim onvoldoende om alle gezinnen op te vangen. Daardoor moeten rondtrekkenden veelal op zoek naar een daarvoor niet ingerichte plaats.
In afwachting van een behoeftedekkend aanbod aan doortrekkersterreinen werd de omzendbrief BB 2010/05 doortrekkerterreinen en pleisterplaatsen voor woonwagenbewoners door de minister van Inburgering verzonden naar de Provinciegouverneurs, de steden en gemeenten. Deze omzendbrief wil lokale besturen ondersteunen in hun beleid ten aanzien van doortrekkers. In afwachting van de realisatie van voldoende doortrekkersterreinen, kan door het toestaan van pleisterplaatsen aan de meest dringende behoeften voor opvang van doortrekkenden worden tegemoet gekomen. Een pleisterplaats voor woonwagenbewoners is een terrein dat normaal gezien niet bestemd is voor het plaatsen van een woonwagen, maar waarop onder bepaalde voorwaarden voor een beperkte periode verkeerswaardige woonwagens kunnen staan. De Vlaamse Overheid vindt het raadzaam dat in elke gemeente doortrekkende woonwagenbewoners voor een beperkte periode kunnen verblijven. Een proactief beleid in deze is aangewezen, hiervoor ontwikkelde de Vlaamse Overheid een Stappenplan: regeling opvang rondtrekkende woonwagenbewoners.
Ter ondersteuning naar gemeenten, steden en particulieren biedt de Vlaamse overheid diverse modellen aan;
- Model van algemene politieverordening op het tijdelijk verblijf van woonwagenbewoners
- Model van gemeentelijke verordening; gebruiksvoorwaarden voor de pleisterplaats
- Model van overeenkomst tussen de eigenaar van een particulier terrein en gebruikers van een pleisterplaats.
Het centrum voor gelijkheid van kansen en voor racisme bestrijding stelt een praktische gids ter beschikking voor lokale overheden om de organisatie van het tijdelijke verblijf van woonwagenbewoners in de Gemeente te ondersteunen.
iv. Stimulerende instrumenten
Er is in Vlaanderen een groot tekort aan residentiële- en doortrekkersterreinen voor woonwagenbewoners. In Vlaanderen genieten steden en gemeenten een grote bestuurlijke autonomie. De Vlaamse overheid voert dan ook een actief stimulerend beleid naar deze lokale besturen om woonwagenterreinen aan te leggen.
- De Vlaamse overheid subsidieert 90% van de verwerving, inrichting, renovatie of uitbreiding van woonwagenterreinen bestemd voor woonwagenbewoners. Provincies, gemeenten, OCMW's, de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) de Vlaamse Gemeenschapscommissie en sociale huisvestingsmaatschappijen komen hiervoor in aanmerking.
- Wonen op wielen is een praktische handleiding voor wie een woonwagenterrein wil aanleggen en beheren. Deze brochure is onmisbaar voor lokale en provinciale besturen en sociale huisvestingsmaatschappijen. Ook woonwagenbewoners en andere geïnteresseerden vinden er nuttige informatie.
o Wat is een woonwagen?
o Wie woont in een woonwagen?
o Wie legt een woonwagenterrein aan?
o Waar en hoe plaats je een woonwagen?
o Hoe vraag je subsidies aan?
o Hoe richt je een woonwagenterrein in? Hoe beheer je het?
o De brochure Wonen op Wielen geeft een antwoord op al deze vragen. De stappenplannen en de checklists vormen een overzichtelijk en gebruiksvriendelijk instrument.
Deze handleiding werd in opdracht van de Vlaamse Overheid opgemaakt door het Kruispunt Migratie-Integratie. U kunt de brochure gratis bestellen via de website www.vlaanderen.be/publicaties of downloaden.
b. Algemeen integratiebeleid
De Vlaamse Overheid wenst het loutere standplaatsenbeleid te overstijgen. Op vlak van onderwijs, werk, opleiding, integratie, emancipatie, welzijn en gezondheid bevinden woonwagenbewoners zich dikwijls in een achtergestelde positie. Om een integrale aanpak van het woonwagenbeleid na te streven ontwikkelt de Vlaamse overheid in 2011 een strategisch plan woonwagenbewoners. Met dit plan wordt een specifiek woonwagenbeleid ontwikkeld dat op een gecoördineerde manier gelijke kansen en sociale inclusie nastreeft voor woonwagenbewoners in Vlaanderen.
Contact:
Woonwagenbeleid@bz.vlaanderen.be
Kobe Debosscher
Agentschap voor Binnenlands Bestuur
Afdeling Beleid Binnenland, Steden en Inburgering
Kobe.Debosscher@bz.vlaanderen.be
02 553 43 08